Brabants Dagblad: opinie Frank van Gool van KaFra Housing

Frank van Gool – medeoprichter van KaFra Housing.

Mensen aan een geschikte woning helpen, dat blijft een hoofdpijndossier. Dat geldt zeker voor arbeidsmigranten. Het nieuwe provinciebestuur van Brabant moet ervoor zorgen dat gemeenten dit probleem voortvarend aanpakken.

Frank van Gool opinie

Je zal maar arbeidsmigrant zijn en in Brabant werken. In een van de distributiecentra of industrieën waar de provincie zo trots op is. Alles is tiptop geregeld, althans op het werk. Want na gedane arbeid is het gedaan met de goede verzorging. Als je pech hebt slaap je in een verouderd bungalowpark, of in een ‘verkamerde’ eengezinswoning in ondermaatse omstandigheden, of op een veel te lange reisafstand. En veel van onze internationale werknemers hebben pech, want Brabant laat na om écht werk te maken van fatsoenlijke huisvesting voor onze hardwerkende arbeidsmigranten. Dat moet beter en dat kan ook anders!

Onlustgevoelens

Arbeidsmigratie is een oplossing voor een deel van de problemen op de arbeidsmarkt en zal dat ook de komende jaren blijven. Het aantal internationale werknemers groeit volgens een recent rapport van SEO Economisch Onderzoek tot 2030 tot 1,2 miljoen. Hun bijdrage aan onze economie neemt in diezelfde periode toe tot 40 miljard. Kort gezegd: we kunnen niet zonder arbeidsmigratie. Zonder internationale werknemers blijven de schappen van de supermarkt leeg, worden de pakketjes niet meer bezorgd en komen we handen tekort om onze zieken te verplegen en onze ouderen te verzorgen.

Desondanks borrelen er telkens weer onlustgevoelens op. Internationale werknemers zouden een probleem zijn. Mijn stelling is dat zij niet het probleem zijn, maar dat hun huisvesting het probleem is. En dat probleem moeten we nu echt eens goed met elkaar oplossen.

Er zijn in ons land naar schatting ruim 45.000 reguliere woningen ‘verkamerd’ ten behoeve van internationale werknemers. Het Expertisecentrum Flexwonen constateerde eerder al dat 120.000 slaapplaatsen niet voldoen aan de normen. In een recent rapport stelt het Expertisecentrum dat er daarnaast nog een tekort is van 156.000 kamers als we willen voldoen aan de aanbevelingen uit het rapport Geen tweederangsburgers van de Commissie Roemer uit 2020. Kortom, het probleem is groot.

Eigenlijk simpel

Als we deze arbeidsmigranten nu eens elders huisvesten, dan spelen we tienduizenden huizen vrij voor starters op de woningmarkt en voor andere doelgroepen. Met KaFra Housing laten wij zien dat dergelijke ‘Roemer proof’ huisvestingsprojecten wel degelijk te realiseren zijn. Met voor iedereen een eigen kamer, keurig sanitair, sport- en recreatievoorzieningen en 24/7 service en beheer. Alleen lopen we bijna dagelijks tegen de afwachtende houding van veel gemeenten aan.

KaFra Housing studio voor stelletjes – referentieproject KFT Venray

En dat begrijp ik best. Een nieuw distributiecentrum is van harte welkom, maar om dan ook een paar honderd internationale medewerkers aan huisvesting te helpen, dat is vaak te veel gevraagd. Want er zijn al zoveel uitdagingen op huisvestingsgebied. Bovendien zitten de inwoners niet altijd te wachten op een project met een groot aantal buitenlanders in hun directe omgeving.

De afgelopen jaren zijn er door de provincie en gemeenten regionale ‘afsprakenkaders’ vastgesteld, compleet met ‘opgaven’ over onder andere huisvesting en met ‘kopgroepen’ om de zaak te coördineren. Wij merken dat veel gemeenten, zoals Meierijstad en Deurne, nog koudwatervrees vertonen; concrete voorstellen voor adequate huisvesting lopen vast in stroperige processen. Je zou hopen dat de provincie ze een handje helpt. Door ervaringen te delen, beleid uit te stippelen en concrete realisatie van huisvesting te bevorderen.

Ik pleit ervoor dat de noodzaak van fatsoenlijke huisvesting van internationale werknemers in het nieuw provinciale coalitieakkoord wordt meegenomen. De provincie Noord-Brabant moet de regie pakken en ervoor zorgen dat gemeenten de huisvesting van internationale werknemers nu wel voortvarend gaan aanpakken.