Zorgen om arbeidsmigranten die vaak als tweederangsburgers behandeld worden

Dit artikel verscheen eerder via Dagblad De Limburger

Het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten, geleid door Emile Roemer, presenteerde vorige week het rapport ‘Geen tweederangsburgers’ aan het kabinet. Over misstanden bij arbeidsmigranten, een complexe materie.

Vaak hebben gemeenten geen idee waar de arbeidsmigranten wonen. Dat is zorgelijk, aangezien de woonomstandigheden regelmatig erbarmelijk zijn. Of, zoals het aanjaagteam van Roemer constateert: arbeidsmigranten worden vaak als tweederangsburgers behandeld.

Koplopers huisvesting arbeidsmigranten

Wat de huisvesting van arbeidsmigranten betreft zijn Horst aan de Maas, Venray en Peel en Maas vooruitstrevende gemeenten, vindt Frank van Gool van OTTO Work Force en KAFRA Housing. Zijn bedrijf biedt in Noord-Limburg aan zo’n twaalfhonderd arbeidsmigranten onderdak.

“Dankzij de medewerking van deze gemeenten kunnen we binnen zes tot negen maanden goede locaties realiseren”, zegt Van Gool. Volgens hem zijn in Noord- en Midden-Limburg de komende jaren nog duizenden extra plekken nodig, bijvoorbeeld in Venlo en Weert.

Van Gool vindt dat een eind moet komen aan “oneigenlijke huisvesting” van arbeidsmigranten. Vaak wonen zij in gewone huizen in woonwijken. “Die huizen zijn heel geschikt voor starters en gezinnen, dus de druk op de woningmarkt wordt er door versterkt. Huisjesmelkers kopen zulke woningen goedkoop. Ze voldoen niet aan de eisen, waardoor de woonomstandigheden slecht zijn.”

In Nederland worden naar schatting 44.000 reguliere woningen gebruikt voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Recente cijfers gaan uit van een tekort van 150.000 opvangplekken. Van Gool bouwt soms bestaande panden om, maar geeft de voorkeur aan grootschalige opvang in bijvoorbeeld mobilhomes. Die zijn redelijk snel te realiseren, als het kan aan de rand van een gemeente.

Adviezen Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten

  • Arbeids- en huurcontracten loskoppelen. Nu is werkgever vaak tevens huurbaas en is migrant bij einde arbeidscontract ook meteen dakloos.
  • Na ontslag nog maand minimum loon en dertig dagen zorgverzekering.
  • Certificering uitzendbureaus, om malafide praktijken tegen te gaan.
  • Betere registratie en handhaving huisvesting. Samenwerking gemeenten, Inspectie SZW, UWV, SVB en belastingdienst.
  • Vergunningensysteem voor verhuurders.
  • Plannen gemeenten voor huisvesting. Bij voorkeur grootschalige huisvesting migranten bij bedrijventerreinen.

Meer waardering voor arbeidsmigrant

Van Gool beaamt dat de huisvesting van arbeidsmigranten vaak een moeizaam proces is, bijvoorbeeld vanwege weerstand bij omwonenden. Volgens hem is er tijdens de coronacrisis wel meer waardering ontstaan voor arbeidsmigranten. “Mensen zien nu duidelijk dat we niet zonder hen kunnen. Neem de bevoorrading van winkels, dat wordt voor ruim de helft door arbeidsmigranten gedaan.”

Giel Braun is voorzitter van de Stuurgroep Internationale Werknemers. Hierin zijn LWV, MKB, LLTB, de provincie en de gemeenten uit Zuid-, Midden- en Noord-Limburg vertegenwoordigd. De komende tien jaar is volgens hem huisvesting nodig voor zo’n 60.000 extra arbeidsmigranten, waarmee het huidige aantal verdubbelt. In een rapport van bureau Decisio melden werkgevers dat voor hun werkzaamheden ‘geen Nederlandse werknemers zijn te vinden’ en dat ingehuurde arbeidsmigranten ‘meer gemotiveerd zijn’.

“Het gevoel van urgentie mag in Zuid-Limburg nog wel wat groter worden”, vindt Braun. Gemeenten moeten qua huisvesting nadrukkelijk hun rol nemen, adviseert ook het aanjaagteam van Roemer. Braun is blij met diens aanbeveling dat uitzendbureaus voortaan gecertificeerd moeten zijn. „Dan is het bij illegale situaties meteen klaar.”

Adres onbekend

Van de 75.000 internationale werknemers in Limburg (naast arbeidsmigranten zo’n 9.000 kenniswerkers) is van 60 procent het adres onbekend. Volgens de wet is pas na vier maanden vermelding in de Basisregistratie Personen van de gemeente vereist. “Inschrijven moet meteen de eerste dag gebeuren.”

Belangrijk vindt Braun het SNF-keurmerk voor woningen, een korte afstand naar het werk en professioneel beheer. Voor short stay (tot een jaar) heeft een grote locatie nabij de werkplek de voorkeur. Voor mensen die willen blijven, is een integratieprogramma essentieel. Braun: „Om onze eigen welvaart op peil te houden, hebben we deze mensen hard nodig. We moeten hen als gasten ontvangen, niet als gastarbeiders.”